Direct naar inhoud
Jacqueline Visser

Het leerlingvolgsysteem: focus op groei en niet op selectie!

Jacqueline Visser Jacqueline Visser | 16-08-2023 | Blog Jacqueline Visser, inhoudelijk directeur Cito BV

Het speelt al jaren: het volgsysteem primair onderwijs dat steeds vaker gezien wordt als één langdurige voorsorteermachine voor het voortgezet onderwijs. Waardoor sommige kinderen in groep 6 of 7 met buikpijn naar school gaan, omdat ze bang zijn dat ze een toets niet zo goed zullen maken. Omdat die éne toets heel belangrijk zou zijn voor hun toekomst, omdat ‘alle toetsen van het volgsysteem al meetellen voor het schooladvies in groep 8’. Met als slechtste scenario dat het volgsysteem geen hulpmiddel meer kan zijn voor de leerkrachten gedurende het onderwijs. En dat vind ik jammer!

Laat de LVS-toetsen in hun waarde!

Juist daarvoor zijn de toetsen in het volgsysteem bedoeld: als hulpmiddel voor de leerkrachten en de scholen. Om de ontwikkeling van hun leerlingen te volgen, zodat zij het onderwijs krijgen dat ze nodig hebben om zich verder te ontwikkelen. Inzicht in de ontwikkeling van leerlingen, als extra informatiebron naast de dagdagelijkse observaties, zodat leerkrachten:

  • met hun onderwijs zo goed mogelijk daarbij kunnen aansluiten;
  • signaleren welke leerlingen een extra zetje of meer uitdaging nodig hebben;
  • het onderwijs aan hun groep kunnen evalueren en beter kunnen maken.

Natuurlijk zullen de leerkrachten de ontwikkeling van een leerling gedurende de basisschool meenemen in hun schooladvies, naast alle andere informatie die ze hebben over een leerling. Wat ik zorgwekkend en onwenselijk vind, is de mechanische manier waarop de volgsystemen door sommige scholen of regio’s worden gebruikt voor een schooladvies: ‘alleen bij een I-score op alle vakken in groep 6 t/m 8, is een leerling geschikt voor het vwo’ of ‘Als je op één van die toetsen III scoort, kun je niet naar de havo.’ Want wat nu als een leerling:

  • een laatbloeier is en pas eind groep 7 op gang komt?
  • op een vak wat minder scoort, maar dat compenseert door een enorme motivatie?
  • de toetsen wel goed maakt, maar gezien zijn werkhouding specifieke aandacht nodig heeft?

Niet gek dat ouders en leerlingen resultaten van de volgtoetsen als allesbepalend ervaren. Met alle ongewenste effecten van dien, zoals thuis oefenen met toetsen, het kopen van gekopieerde of nagemaakte toetsen via Marktplaats. En dat allemaal met slechts één doel: zo hoog mogelijk scoren op toetsen van het volgsysteem.

Kansrijk adviseren – een kans op een nieuw evenwicht

Dit schooljaar (2023-2024) verandert het proces rond de advisering voor het voortgezet onderwijs. De meest in het oog springende veranderingen:

  • De eindtoets gaat doorstroomtoets heten, zodat duidelijk is dat deze toets geen afsluiting is van het basisonderwijs, zoals eindexamens dat wel zijn van het voortgezet onderwijs.
  • Leerlingen maken de doorstroomtoets in februari van groep 8, zodat de resultaten ervan beschikbaar zijn vóórdat scholen het definitieve schooladvies opstellen.
  • Scholen zijn verplicht om hun voorlopige schooladvies naar boven bij te stellen als de leerling op basis van de doorstroomtoets een hoger advies – het toetsadvies – krijgt.

Deze veranderingen bieden volgens mij een unieke kans om te komen tot een nieuw evenwicht, waarin:

  • het beeld dat de basisschool van een leerling heeft, de basis vormt van het schooladvies;
  • de doorstroomtoets kan fungeren als second opinion voor het definitieve schooladvies, waardoor het volgsysteem daar niet meer voor nodig is;
  • tegelijkertijd elke leerling, en niet alleen de leerling met mondige ouders, zo kansrijk mogelijk geadviseerd wordt door de verplichte bijstelling naar boven op basis van de doorstroomtoets.

Zo kan het volgsysteem gewoon weer gebruikt worden waarvoor het is bedoeld: het volgen van de ontwikkeling van leerlingen om hen waar nodig een extra zetje of een extra uitdaging te geven. Met de focus op groei en het creëren van een eerlijke kans voor álle leerlingen. Zodat we uiteindelijk elk kind kansrijk adviseren aan het eind van het basisonderwijs. Dat bereiken we door:

  • ontspannen om te gaan met de afname van volgsysteemtoetsen: laat kinderen weten dat het erom gaat dat ze laten zien wat ze allemaal al kunnen;
  • te stoppen met het vermelden van de niveaus A t/m E of I t/m V op de rapporten;
  • tijdens 10-minutengesprekken met ouders te kijken naar de ontwikkeling van kinderen en te vertellen wat je met resultaten uit het volgsysteem doet;
  • samen met collega’s te komen tot een afgewogen voorlopig schooladvies voor voortgezet onderwijs en daarbij niet mechanisch de regels van een plaatsingswijzer of ander instrument te volgen;
  • de voorlopige schooladviezen te onderbouwen aan de hand van het complete beeld dat je van de leerling hebt.

Vanuit Cito willen we jullie daarbij helpen. Met het volgsysteem Leerling in beeld waarmee je méér in kaart brengt dan alleen de cognitieve ontwikkeling. Met een verwacht toetsadvies aan het eind van groep 7, dat je kunt gebruiken als één van de bronnen voor het voorlopig schooladvies. En niet te vergeten: met de Leerling in beeld - doorstroomtoets, die vanaf dit schooljaar beschikbaar is.

Zoeken