
Hoe dragen we bij aan de inhoudelijke vernieuwing van centrale examens?
30-03-2026 | Blog In een vijfdelige blogserie vertellen collega’s hoe wij bijdragen aan de centrale examens vo die in januari gestart zijn.Het is weer examentijd in het vo! Tijdens deze periode laten collega’s in een vijfdelige blogserie zien hoe wij bijdragen aan dit jaarlijkse toetsmoment, nu en in de toekomst. In deze derde aflevering vertellen Rosa Bartman en Chiel Huijskes over Cito’s rol bij de inhoudelijke vernieuwing van centrale examens.
De komende jaren ondergaan het curriculum en dus de examenprogramma’s van de bovenbouwvakken in het voortgezet onderwijs een grondige metamorfose. In aanloop naar die grootschalige curriculumherziening, werkt Stichting Cito mee aan de inhoudelijke vernieuwing van centrale examens, te beginnen met rekenen/wiskunde, de moderne vreemde talen en Nederlands. Teamleider Wereldtalen Rosa Bartman en beleidsadviseur Strategie Beleid en Vernieuwing (SBV) Chiel Huijskes zijn nauw betrokken bij de afstemming tussen de nieuwe eindtermen, het onderwijs en de toetsing.
Hoe ziet dat vernieuwingsproces er globaal uit?
Chiel: ‘Onder regie van SLO, het landelijk expertisecentrum voor het curriculum, is twee jaar geleden gestart met het ontwikkelen van concept-examenprogramma’s. Daarin adviseerden we als Cito onder meer over welke onderdelen van het nieuwe curriculum je het beste kunt toetsen in het centrale examen of juist in het schoolexamen. In het verlengde daarvan keken we door onze toetsbril mee naar de inhoud bij het samenstellen van de syllabus waarin het deel van de stof staat beschreven die in het centrale examen wordt getoetst. En dan vooral naar hoe je de vakbeheersing van de leerling zo eerlijk mogelijk meet, en kennis en vaardigheden zo zichtbaar maakt dat je ze ook echt kunt examineren.”
In april verwachten we de eerste resultaten en reacties van leerlingen en docenten over de fase van beproeven. Spannend!
Rosa Bartman, teamleider wereldtalen
Rosa: “Dit schooljaar vindt de fase van beproeven plaats. Begin maart maakten leerlingen van alle niveaus, verspreid over het hele land, een toetstaak van 60 minuten voor moderne vreemde talen en Nederlands. Hierin waren zoveel mogelijk nieuwe elementen van het examenprogramma verwerkt. Dan moet je denken aan luistervaardigheidsopdrachten en scenariogerichte vragen, waarbij leerlingen vanuit een specifieke opdracht antwoorden moeten vinden aan de hand van een of meerdere bronnen. In april verwachten we de eerste resultaten en reacties van leerlingen en docenten. Spannend!”
Wat moet deze ‘fase van beproeven’ opleveren?
Rosa: “Hopelijk doen we extra kennis op over het toetsen van vernieuwende aspecten van elk vak. Als alles meezit gaan we na evaluatie van de resultaten vanaf eind juni aan de slag met het ontwikkelen van voorbeeldexamens. Hiermee kunnen docenten hun leerlingen voorbereiden op het nieuwe examenprogramma. De ontwikkeling van nieuwe examens is vervolgens superbelangrijk. Hier komt alles samen. Wij willen kennis en vaardigheden breed, zo rijk mogelijk en op diplomaniveau toetsen, terwijl leerlingen moeten laten zien wat ze kennen en kunnen.”
Kunnen jullie iets meer vertellen over dat toetsen van de nieuwe inhoud?
Rosa: “Zeker! We willen onderzoeken of en hoe audiovisuele en geschreven bronnen - kijken, luisteren en lezen - in één examen zijn te combineren. Het toevoegen van nieuwe, extra vaardigheden vergt een andere manier van bevragen. Ook gelden per taal en niveau andere minimumeisen. Bovendien ligt het voor de hand om kijk- en luistervaardigheid digitaal te toetsen. Misschien is dat wel de allerbelangrijkste en meest spannende ontwikkeling. Althans voor de meeste talen. Op vmbo bb en kb worden de examens voor Duits en Engels al digitaal afgenomen. En dat gaat goed.”
Chiel: “Vernieuwing van de centrale examens is grotendeels een inhoudelijk verhaal. We kijken bijvoorbeeld of we vaardigheden kunnen omzetten in mooie valide toetstaken, mét behoud van kwaliteit. Ook brengen we in kaart wat de vernieuwing betekent voor de examenafname. Kan het examen op één moment worden afgenomen, is er een tweede zitting nodig, of komt er een periode waarbinnen scholen zelf kunnen inplannen wanneer ze een afname inplannen, zoals nu al veel op het vmbo gebeurt? Die keuze heeft flinke gevolgen voor de constructie van de examens. Daarbij realiseren we ons dat de uiteindelijke inrichting op scholen mede wordt bepaald door praktische factoren, zoals IT-mogelijkheden en financiële ruimte.”
Hoe is het om te mogen meewerken aan de vernieuwing van centrale examens?
Rosa: “Ik vind het geweldig! De dynamiek van hoe processen stapsgewijs én supersnel verlopen, hoe mensen ergens wel en niet in meegaan; het is een verrassende manier van werken. Bovendien past de combinatie van onderzoeken, verbinden en pionieren bij mij.”
We moeten rekening houden met al die vakken, richtingen, niveaus en docenten die niet één homogene groep vormen.
Chiel Huiskes, beleidsadviseur Strategie Beleid en Vernieuwing
Chiel: “Ik ervaar het als spannend én leuk. Ons werk ligt onder een vergrootglas omdat we rekening moeten houden met al die vakken, richtingen, niveaus en docenten die niet één homogene groep vormen. Toch hoor ik vooral positieve geluiden over de tot nu toe geboekte resultaten en over nut en noodzaak van het maken van nieuwe examens.”
Rosa: “Het veld vraagt ons om te zorgen voor een examen als ‘mooie afsluiter’. De actualisering van het curriculum en de examens leidt tot centrale examens die aansluiten bij de leerlingen van nu en de huidige maatschappij. Bij Cito staan we allemaal in de stand van dat gaan we regelen!”

